Aan het lezen
A-MUSE

A-MUSE

Lieve schat, sluit je ogen. Het is donker. Donker in de stad. Het is alsof je het donker nog nooit zo nodig hebt gehad. De sereenheid van het duister. De geslotenheid in het zien. Blind met je ogen open en toch wetend dat je op de Lindenlaan bent. Wat lichtjes doen in november, doet jasmijn in augustus, doen orchideeën in vensterbanken, en narcissen in maart-april.

Geschreven door Iris van Graven tijdens de Shuffle Schrijfmarathon 2019

En toch: imponerende lichtfestijnen, winkelstraten vol, lichtjesavonden in alle lokaliteiten, en een aan de oppervlakte gepassioneerde buurman zet er z’n hele huis en tuin mee vol. Lichtjes kleuren onze winterse ogen, het aanzicht verwarmt ons zacht. Een omvangrijk aantal mensen haalt elke december met enige lust alle troep van zolder, alle blijmakende nepvuurtjes, o dennenboom deuntjes en glittermaterieel.

En dan huilt ergens toch zachtjes mijn hart: de echte lampjes op de wereld vergeten we de planten, de bloemen voor in de lente vergeten we te zaaien. De sensuele randjes van de winter zijn in kerstsferen ingepakt. Het organische van koud, zacht en stil wordt opgebeurd met onze gevelranden vol. De decemberplanning wild ingekleurd, in het kader van gezellig. En het vluchtig wegpoetsen van eenzaamheid, wánt we zijn tenslotte bij elkaar.

Maar wat als juist alleen, juist zijn, juist die duisterste stemming in ons niet sussen, het met kaarslichtjes willen uitblussen, de remedie is voor onze onvervulde (winkel)drang?

Wat ik wens vol liefde wel, maar met een jeukend hart voor de Alkmaarse straten?
Opdat ik mij – keer op keer – voorneem niet meer zo half, zo levenloos door het leven te gaan: Ik wil de stad in de zomer zien floreren tot het maximale. En mezelf in de winter in de diepste, meest serene kuil graven. Ik wil weten dat ik leef en dat niet beperken tot festivals en feestjes, tot verloren avonden en nachten, tot de zondagochtend dat even niemand om mij zat te wachten. Of tot ik eigenlijk rust heb om de diepte van jouw verlangen in mij te voelen branden. Nee, ik wil eten wat het leven mij geeft: voedend, vitaal en een beetje ruw. Duister in sommige maanden. Zonverbrand op een paar uitgesloten hete dagen. Lelijk, mooi, saai en daardoor in balans. Met tragische en tegelijk sensationele situaties, oases van rust, of door de koud mijn wangen zwoel gebrand. Precies zoals het dit seizoen hoort te zijn.

Leven te midden van het jaargetijde is als smeulen van seks, als gloren zonder constante vlam. Het is soms moeiteloos, soms ongekend, soms zacht, soms eindeloos, soms alles tegelijk in één, vol hartstocht, zo anders of gewoon omdat je het zo goed kent.

Laten we liefde niet inkleuren met plastic franjes. Laten we de straten alsjeblieft niet laten stralen als een lampjes uitverkoop. Laten we liefhebben in de pure glorie van het moment. Laten we de stad precies zo omsluiten: donker, licht, verwarmend en oppervlakkig – in al zijn hoedanigheid. Laat de stad weelderig groeien – tussen de hoeken en gaten in de koude imperfectie van het stenen stadskern.

Alkmaar, met het seizoen als haar muse. De ‘precies zoals het is’ bevredigende glimlach van de Laat. Deze moerastempel straalt sinds MCCLIV (1254) tot in de hemel. En met organisch verlichting blijft zij net zo stevig overeind. Alkmaar her-inner-t ons dáár aan. Troosteloos dat wij mensen die bravoure lijken te zijn vergeten. Ook de dagelijkse digitale hallucinatie niet durven uit te bannen. Van harte in het geweld van geweldige dingen blijven staan. Ergens wel weten dat dat kunstmatige vlammetje ons nooit echt diep vanbinnen verwarmen zal.

Ik loop daarom vanavond met halfgesloten ogen door de straten. Proef alvast de zomer voor. Juist door verkleumd door de avond te gaan. Leer ik de winter, de zachtheid en geslotenheid, te missen, nadat ik jarenlang de zomer heb verheerlijkt als een heilige graal. Laat de winter onze amuse zijn.

-A-lkmaar’s ware muse

Bekijk ook: De helden van de marathon

View Comment (1)

Laat een reactie achter

© 2021 Shuffle Alkmaar. Alle rechten voorbehouden.
Website door: Assured Online